Kleine kinderen in het museum, 6 tips

 

Bij museumeducatie.nl vinden we dat je niet jong genoeg kunt beginnen met het bezoeken van musea. Zo gaven we al eerder tips voor het ontwikkelen van succesvolle kleuterprogramma’s voor het primair onderwijs. We zijn blij dat steeds meer musea programma’s aanbieden voor kleuterklassen en buitenschoolse opvang. Maar hoe kunnen we ervoor zorgen dat de allerkleinsten (kleuters, peuters en baby’s) ook samen met hun (groot)ouders een fijne tijd in het museum hebben? Je kunt natuurlijk speciale speurtochten of doe-activiteiten aanbieden, maar het museumbezoek bestaat uit zoveel meer.

Onderzoek van Abigail Hackett bewees dat rondrennen voor kleuters een vorm van leren is. Wat kan een museum, naast een goed educatief aanbod, nog meer bieden aan gezinnen met kleine kinderen? We lieten ons onder andere inspireren door Kids in Museums.

 

1. Houd het betaalbaar

De reis naar het museum, entreekaartjes, iets drinken in het museumcafé en een souvenir uit de museumwinkel, de kosten voor een museumbezoek kunnen snel oplopen voor een gezin. Als museum kun je veel doen om het bezoek betaalbaar te houden en herhalingsbezoek te stimuleren. Bied bijvoorbeeld een gezinsticket aan. Houd er wel rekening mee dat er steeds meer alternatieve gezinsstructuren zijn. Een combi-kaartje voor twee volwassenen en twee kinderen is lang niet altijd wat gezinnen willen. Kun je alternatieven aanbieden? Misschien een stempelkaart of een jaarabonnement, zoals veel dierentuinen al doen?

Steeds meer restaurants hebben niet alleen voor het diner, maar ook voor de lunch een kindermenu. Een boterham met chocopasta of pindakaas valt bij kleintjes wellicht beter in de smaak dan een panini geitenkaas met dadeldressing, rucola en pijnboompitten. Daarnaast kan een simpele belegde boterham voor een vriendelijke prijs aangeboden worden. Zorg ook dat je gezonde en kindvriendelijke alternatieven voor een kopje koffie of thee beschikbaar hebt. Uiteraard zou de museumwinkel een aantal betaalbare souvenirs aan moeten bieden. Het liefst van het soort dat niet al stuk is voordat het gezin weer thuis is.

 

2. Maak het veilig

Een dubbele trapleuning, één voor grote en één voor kleine mensen, kan wonderen doen.
Een dubbele trapleuning, één voor grote en één voor kleine mensen, kan wonderen doen.

Dit klinkt logisch, maar wat veilig is voor volwassenen en oudere kinderen is niet altijd veilig voor de allerkleinsten. Loop eens met een andere blik door al je publieke ruimtes en let dan vooral op de vloer en alles wat niet meer dan een meter hoog is. Kunnen er kleine vingertjes vast komen te zitten in ventilatieroosters in de vloer? Kunnen kleine hoofden zich stoten aan de hoeken van vitrine’s? Zijn de tentoonstellingszalen overzichtelijk, of kunnen ouders hun kleintjes makkelijk uit het oog verliezen? Nodigen er objecten uit tot klimmen, terwijl ze daar niet voor gemaakt zijn? Denk ook aan stopcontacten, vitrines waar kinderen onder kunnen kruipen of trappen met open treden.

Uiteraard is het te hopen dat ouders samen met hun peuters en kleuters het museum bezoeken. Kleintjes zouden niet zonder toezicht door het museum moeten struinen. Maar we weten ook dat kleuters graag rennen. We weten nu zelfs dat dit ze helpt te leren in het museum. Ouders zullen eerder geneigd zijn nog eens terug te komen, als ze het gevoel hebben dat het museum veilig is voor hun kleine kinderen en ze zich geen zorgen hoeven te maken over ongelukken. Een dubbele trapleuning, één voor grote en één voor kleine mensen, kan al wonderen doen.

 

 

3. Maak het interessant

Veel musea denken dat ze speciaal educatief materiaal moeten maken om hun collectie voor kleuters aantrekkelijk te maken, maar vaak is daar geen budget of mankracht voor. Gelukkig zijn peuters en kleuters van nature nieuwsgierig en zullen ze ook op eigen houtje genoeg interessante zaken ontdekken. Helaas worden ze op hun verkenningstocht vaak door het museum gedwarsboomd. Op kleuter- en peuterooghoogte is er soms opvallend weinig te beleven in het museum. Vitrine’s staan op mooie sokkels, of zijn verwerkt in tafels of schuiflades. Ze zijn ontworpen door volwassenen voor volwassenen, waardoor kleine kinderen (en soms ook rolstoelgebruikers) buiten de boot vallen.

Kleine opstapjes kunnen hier vaak al een oplossing zijn. Zorg er daarbij wel voor dat ze geen struikelgevaar opleveren voor alle volwassenen die vol interesse langs de vitrines lopen en niet naar hun voeten kijken. Daarnaast kun je ouders helpen om samen met hun kinderen naar objecten te kijken door in tekstbordjes aandacht te hebben zaken als kleuren, vormen, dieren of mensen die op werken zijn afgebeeld. Misschien kun je een route door het museum bedenken waar objecten die kleine kinderen aanspreken van extra kindvriendelijke informatie zijn voorzien. Een tekstbordje beginnen met een kijkvraag kan zowel volwassenen als kinderen helpen om een object beter te bestuderen.

 

4. Maak ruimte voor rennen en creëer plekken van rust

We zeiden het al eerder: rennen, bewegen en spelen zijn belangrijk voor kleine kinderen. Dat kan vaak niet overal in het museum. Misschien kan het wel bijna nergens. Help gezinnen met kleine kinderen ontdekken waar de kleintjes even uit kunnen razen. Is er een tuin of een andere buitenruimte waar gespeeld kan worden? Geef dat dan duidelijk aan. Tegelijkertijd is het belangrijk dat kleine kinderen een rustig plekje op kunnen zoeken als ze daar behoefte aan hebben. In een omgeving waar zo veel te zien en te beleven is kunnen alle prikkels ze soms wat te veel worden.

Een lekkere stoel of bank, waar ze even bij papa of mama op schoot kunnen kruipen kan dan wonderen doen. Misschien is het tijd voor een voorleesmoment? Kun je een prentenboek over je museum laten maken? Fantastisch! Maar anders niet getreurd. Er is een geweldig groot aanbod van kwalitatief hoogstaande prentenboeken. Je kunt er vast één vinden over een thema dat bij je tentoonstelling passen. Wellicht is het gelijk een leuke aanwinst voor de museumwinkel?

In een museum in Sheffield zijn op zaal verschillende kinderboeken en ander speelgoed voorhanden.
In een museum in Sheffield zijn op zaal verschillende kinderboeken en ander speelgoed voorhanden.

 

5. Vergeet de ruimtes buiten je tentoonstellingszalen niet

Wanneer musea over hun aanbod voor kleine kinderen nadenken, richten ze zich vaak in eerste instantie op collectie-gerelateerde zaken. Dat is logisch, maar het is belangrijk om te onthouden dat het museum uit meer dan tentoonstellingszalen bestaat. En het museumbezoek is meer dan samen kijken naar objecten. Dat geldt misschien voor gezinnen met kleine kinderen nog wel meer dan voor volwassen bezoekers. Volgens John Falk is gemiddeld maar 60% van het museumbezoek collectie-gerelateerd. De rest van de tijd zijn bezoekers bezig met andere dingen. Het zou zonde zijn als we als museum heel hard werkten om die 60% van de tijd onvergetelijk te maken, terwijl we aan die overige 40% geen aandacht schonken.

Zorg dus voor een plek waar luiers verschoond kunnen worden. Vergeet hierbij niet dat papa’s ook heel goed weten hoe dat moet, maar hiervoor liever niet naar het damestoilet gaan! Als de kleintjes iets ouder zijn, willen ze liever zelf naar de wc. Hebben ze hiervoor een opstapje nodig? En kunnen ze naderhand bij de kraan en de zeep om hun handen te wassen? Zorg dat er voldoende kinderstoelen in je museumcafé beschikbaar zijn, zodat kinderen én ouders rustig van hun eten en drinken kunnen genieten. Niemand wordt blij van een huilende baby, zorg dus dat er voor moeders een rustige en afgeschermde plek is om kinderen te voeden. In de landen om ons heen komen we naast toiletten al regelmatig een deur tegen met daarop een flesicoon. Ook buggyparkeerplekken zijn in veel musea al gebruikelijk. Herinner je personeel op zaal er ook aan dat een luid kind, soms juist een enthousiast kind is. Wie zegt dat musea altijd muisstil moeten zijn?

 

6. Zorg dat je uitgang goed te vinden is

Kleine kinderen hebben een korte spanningsboog en zullen daarom sneller vinden dat ze wel genoeg hebben gezien van het museum. Maak het gezinnen met kleine kinderen gemakkelijk en zorg dat de uitgang ook halverwegen die fantastisch interesante tentoonstelling makkelijk te vinden is. Een jengelend kind dat naar huis wil, maar eerst nog tien zalen door moet voordat de uitgang is bereikt is vervelend voor andere bezoekers, maar net zo onaangenaam voor de ouders van dat kind.

Uiteraard kunnen musea nog veel meer doen om een aangename omgeving te zijn voor gezinnen met kleine kinderen. We kunnen het Kids in Museums Manifesto dat jaarlijks wordt aangepast van harte aanbevelen. Heb je tips of goede ervaringen met kleine kinderen in het museum, dan horen we het graag.

 

Reacties zijn altijd welkom